Over (sier)duiven

Corbis-42-24647374

Over het houden van duiven kan je natuurlijk een hele bibliotheek vol schrijven. Dat gaan we hier niet doen. Of je bent een fervente duivenliefhebber, en dan zijn er andere bronnen om je te informeren, want dan zal je hobby je naast heel wat plezier opleveren ook heel wat tijd kosten, en gaan de zaken er vaak bijzonder specialistisch aan toe. Wij hebben het dus over de paar (sier)duiven die je als ‘bescheiden’ liefhebber houdt. Wat ze nodig hebben, sluit aan bij wat we zegden over vogels. (Zie ook: ‘Welke vogels mogen samen leven?’)

Belangrijkste to do’s

Je hebt met andere woorden minimaal een droge en schone (terras)volière nodig, voldoende groot zodat er de nodige vliegruimte is. Verder is beschutting tegen de warmste zon, de strengste wind en de grootste vrieskou, absoluut noodzakelijk. Ook geldt hier opnieuw het verhaal van de nodige supplementen. Weliswaar eten sierduifjes heel wat overschotjes van andere volière-vogels op vanop de grond, maar toch is bijvoederen aangewezen om hen in topconditie te houden. Voorts moeten duiven regelmatig worden ontwormd. De frequentie daarvan is in hoge mate afhankelijk van de ‘infectiedruk’ die je hebt. Voor duiven die in een volière terecht komen waar nog nooit enige ziekte uitbrak, kan een halfjaarlijkse ontworming volstaan. Alleen als je je duif in een volière plaatst waar er problemen zijn geweest, moet de frequentie worden opgedreven. Laat je bij twijfel of vragen zeker bijstaan door je dierenarts.